Brief college en gemeenteraad Middelburg

Burgemeester en Wethouders

Leden van de gemeenteraad.

 

Geachte dames en heren,

In de Provinciale Zeeuwse Courant las ik dat de camperplaatsen in Middelburg niet meer gebruikt mogen worden voor overnachten. Dit zal voor vele mensen met een camper betekenen dat zij Middelburg niet meer zullen bezoeken. Slecht een derde van de campergebruikers maken gebruik van een camping. Uit het laatste onderzoek van de Nederlandse Kampeerautoclub blijkt dat: Nederlandse camperaars  in 2016 onderweg zo’n 415 miljoen euro uitgegeven. Ze besteedden gemiddeld 55 euro per camper per dag, voornamelijk aan brandstof, overnachtingen, boodschappen, winkelen en uit eten gaan. Dit blijkt uit onderzoek van de NKC. Ook camperaars uit andere landen geven dergelijke bedragen uit. Nu Middelburg ongeveer twee derde van het aantal campers dat Middelburg bezocht gaat missen, betekent dat een zwaar nadeel voor de inkomsten van de middenstand in Middelburg. Mogelijk heeft u dat niet meegewogen in uw beslissing.

De mening dat er op de camping voldoende plaats is, lost het probleem niet op. 70% van de campergebruikers staan niet of slechts zelden op campings. In Europa zijn er ruim 1.800.000 campers, dus heel veel campers komen niet meer naar Middelburg als er geen camperplaatsen zijn!!!!!!!!!!!!.  Een gemiste kans, die andere plaatsen en landen invullen, waardoor Middelburg veel inkomsten mist. Camperen is geen kamperen, dat doe je met een tent of caravan. Camperen is het reizen met een camper en een eigen keuze waar te overnachten

Daarnaast worden Gemeenten geacht datgene te doen wat in het belang van hun inwoners is en hebben daar in van de Gemeentewet nadrukkelijk de bevoegdheid voor gekregen. Nu uw gemeente het recreatief overnachten op parkeerplaatsen verbiedt, doet u dat met andere motieven dan het belang van uw inwoners, met name de middenstand van Middelburg. Deze bevoegdheid is gemeenten uitdrukkelijk toebedeeld bij de intrekking van de Wet op de Openluchtrecreatie. Naar mijn mening is sluiting van de bestaande camperplaatsen niet in het belang van de inwoners van Middelburg.

Daarnaast is de vraag of de gemeenten die een volledig verbod instellen tot parkeren en overnachten hiertoe wel bevoegd zijn. Immers wanneer overnachten met een kampeerauto in de openbare ruimte wettelijk wordt verboden zal er vooraf een belangenafweging (proportionaliteit en subsidiariteit) moeten plaatsvinden. Op dit moment nemen de meerderheid van de gemeentes de artikelen uit de modelverordening over, zonder de vereiste afwegingen te maken of alternatieven te bieden. Het is bijzonder twijfelachtig of dit rechtmatig is. Daarnaast is parkeren van o.a. een camper geregeld in, bij of krachtens de Wegenverkeerswet 1994. Op grond van artikel 122 van de Gemeentewet is de gemeente niet bevoegd zaken te regelen die reeds door een wet, een algemene maatregel van bestuur of een provinciale verordening worden geregeld. De wegenverkeerswet zegt in artikel 2a dat: “provincies, gemeenten en waterschappen behouden hun bevoegdheid om bij verordening regels vast te stellen ten aanzien van het onderwerp waarin deze wet voorziet, voorzover die regels niet in strijd zijn met de bij of krachtens deze wet vastgestelde regels en voorzover verkeerstekens krachtens deze wet zich daar niet toe lenen”. De gemeente heeft dan ook geen verordende bevoegdheid waar het het parkeren van kampeerauto’s betreft. De betreffende regels zijn op grond van artikel 122 Gemeentewet van rechtswege vervallen

Ten slotte bepaalt artikel 2 van Protocol 4 bij het Europees Verdrag van de Rechten voor de Mens (EVRM) nadrukkelijk dat een ieder die zich legaal op het grondgebied van een deelnemende staat bevindt, daar vrijelijk zijn verblijfplaats moet kunnen kiezen. De uitoefening van deze rechten mag aan geen andere beperkingen worden gebonden dan die bij de wet zijn voorzien en in een democratische samenleving noodzakelijk zijn in het belang van de nationale veiligheid of van de openbare veiligheid, voor de handhaving van de openbare orde, voor de voorkoming van strafbare feiten, voor de bescherming van de gezondheid of van de goede zeden of de bescherming van de rechten en vrijheden van anderen. De keuzen van de vrije verblijfplaats is dus een grondrecht.

Is een kampeerauto een verblijfplaats als bedoeld in het EVRM? Zoekend in woordenboeken kom ik o.a. uit op huisvesting, onderkomen, verblijfplaats, woning etc. Ook blijkt uit wetgeving veelvuldig dat een camper (kampeerauto) een verblijfplaats is in de zin van de wetgeving is. . Dit blijkt uit o.a. de:

  1. Wet op het binnentreden: Volgens de Memorie van Antwoord bij de Wet op het Binnentreden is het principe van het huisrecht ‘dat de intieme sfeer van het wonen wordt beschermd.’ Ook een kampeerauto valt daaronder.
  2. Drinkwaterwet: artikel 4 lid 4 onder a ten tweede;
  3. Wet op de Motorrijtuigenbelasting 1994: artikel 23a;
  4. Regeling voertuigen: artikel 1.1 lid 2.

Daarnaast wordt ook in de Algemene plaatselijke verordeningen gesproken over “recreatief nachtverblijf”.

Uit bovenstaande blijkt onomstotelijk dat een kampeerauto een verblijfplaats is in de zin van het EVRM en dus onder de bescherming van de internationale en nationale wetgeving valt.

De stelling dat een kampeerauto niet onder het begrip van artikel 2 bij Protocol 4 van EVRM lijkt niet houdbaar bij de rechter. De bewoner van de kampeerauto voert er zijn privé leven in, zoals ook artikel 8 van het EVRM aangeeft. Het openbaar gezag mag zich daar slechts in mengen voor zover dat noodzakelijk (pressing social need) is. Dit noodzakelijkheidsvereiste betekent volgens vaste jurisprudentie van het Europese Hof in dat de verbod moet worden gerechtvaardigd door een zwaarwegend maatschappelijk belang (pressing social need), en in overeenstemming moet zijn met de beginselen van proportionaliteit en subsidiariteit. Dit wil kort gezegd zeggen, dat het verbod in een juiste verhouding moet staan tot het nagestreefde doel (proportionaliteit), en dat het doel niet op een minder ingrijpende wijze bereikt kan worden (subsidiariteit).  Het EVRM geeft aan dat er vooraf een afweging moet plaatsvinden op de genoemde gronden. Ook de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties geeft dat in zijn schrijven aan ondergetekende d.d. 8 mei 2013 aan.  In alle andere gevallen is de gemeente niet bevoegd de beperkingen aan burgers op te leggen.

Dat de veiligheid van de mensen die in een kampeerauto overnachten overal in een gemeente in het geding is nergens onderbouwd. Er vinden jaarlijks miljoenen veilige overnachtingen in Europa plaats met kampeerauto’s buiten campings. De onveiligheid is daar zeker niet groter dan op een camping. In al de jaren dat de opsteller met een kampeerauto rondtrekt, ‘heeft hij slechts één diefstal meegemaakt en dat was op een bewaakte camping. Wel is het voorstelbaar dat bijv. overnachten langs autosnelwegen en op sommige plaatsen de veiligheid kan aantasten. Op die plaatsen kan de overheid dan ook een verbod instellen. Als men overdag met een kampeerauto bijv. tot 23.00 uur mag parkeren, dan lijkt het er bijna op dat de overheid het slapen aan het verbieden is. Als voorbeeld kan dienen, overnachten langs het water is in een (beveiligde) kampeerauto verboden, maar er mag in hetzelfde gebied wel in een open boot aan een steiger overnacht worden. Dit duidt op een stuk rechtsongelijkheid

 

Natuurlijk is het nooit de bedoeling van een rechter of wie dan ook geweest is dat kampeerauto’s maar naar believen overal geplaatst kunnen worden en dat de overheid het plaatsen van kampeerauto’s in de openbare ruimte niet zou kunnen beperken. De beperkingen die de overheid eraan kan stellen worden aangegeven in het derde lid te weten: de beperkingen moeten noodzakelijk zijn in het belang van de nationale veiligheid of van de openbare veiligheid, voor de handhaving van de openbare orde, voor de voorkoming van strafbare feiten, voor de bescherming van de gezondheid of van de goede zeden of de bescherming van de rechten en vrijheden van anderen. De overheid behoort altijd de in het geding zijnde belangen (o.a. proportionaliteit en subsidiariteit) vooraf af te wegen.

In dit kader is ook het “arrest Spong van belang en levert bruikbare jurisprudentie op (uitspraak 10 september 2004; AR1937, gerechtshof Arnhem, 21-004299-03) over het al dan niet aanwijzen van geschikte plaatsen door de gemeenteraad.

 

Een kampeerauto heeft een groot aantal technische en wettelijke eisen, anders dan bijvoorbeeld caravans en tenten, waardoor de kampeerauto als kleine woning gezien kan worden. Dat deze beperkingen en de vereiste belangenafwegingen inhouden dat mensen in een kampeerauto’s alleen op campings mogen overnachten is in strijd met genoemde grondrechten. De overheid rekt dan de bepalingen en de in het geding zijnde belangen te ver op. Ik denk ook dat de VNG in haar modelverordening daarom ook de mogelijkheid heeft opgenomen om kampeerautoplaatsen aan te wijzen. Ook de gronden om ontheffingen te weigeren geven een goede en behoorlijke belangenafweging aan. Wat dat betreft zitten de bepalingen van de modelverordening wel goed in elkaar. Hier uit zich de kritiek ook niet direct op, wel op de uitvoering die eraan gegeven wordt.

Resumerend: Wanneer overnachten met een kampeerauto in de openbare ruimte wordt verboden zal er vooraf een belangenafweging (proportionaliteit en subsidiariteit) moeten plaatsvinden.  Het sluiten van de huidige camperplaatsen is niet in het belang van uw inwoners, zeker niet voor de middenstand van Middelburg. Ik verzoek u dan ook uw beslissing te herzien.

Hoogachtend,

Martin Slingenberg

 

 

Share

Over Martin

Gepensioneerd Inspecteur van Politie, tevens toezicht gehouden op de naleving van de (privacy)wetgeving binnen een politieorganisatie. Jarenlang camperraar en initiatiefnemer /oprichter Camper Club Nederland (CCN). Getrouwd, twee dochters met partner en twee geweldige klinkinderen.
Dit bericht is geplaatst in Geen categorie. Bookmark de permalink.

Geef een reactie